Dit jaar gaan we een een keer niet naar Mathijs zijn grafje, maar zijn we in Amsterdam. We zijn hier al een aantal dagen en passen op een hond en huis aan de Prinsengracht. Ook hier in Amsterdam liggen herinneringen aan Mathijs. Niek werkte toentertijd bij de gemeente Amsterdam. Daar zijn Mathijs en Fredrieke een keer op bezoek geweest, zodat ze wisten waar hun papa werkte. En Mathijs wilde wel eens weten of papa als ambtenaar de hele dag “koffiedronk”. Mathijs heeft later nog een doosje geschilderd voor Niek waarop hij de tekst “ambtenarenkoffie” had geverfd.
Andere mooie herinneringen zijn o.a. een bezoek aan het Tropenmuseum, een theatervoorstelling (de dag erna kregen we slecht nieuws m.b.t. de eerste keer dat hij een recidief had) en een bezoek aan Artis. Maar natuurlijk hebben we ook minder mooie herinneringen aan Amsterdam. Het is ook de plek van het AMC/Emma Kinderziekenhuis waar we bijna vier jaar lang vele uren met Mathijs hebben doorgebracht.
Zestien jaar geleden waren we op het moment dat ik dit stukje schrijf (10.30 uur) in het Radboudziekenhuis in Nijmegen. Tijdens het familieweekend in Stevensbeek kreeg Mathijs een zware epileptische toeval en werd hij met een ambulance naar het ziekenhuis in Nijmegen gebracht. Fredrieke was die dag op stap met familie, zij gingen naar de Efteling. Op de zondagochtend van dat weekend in 2008 kreeg Mathijs te horen dat hij terug naar het AMC zou worden vervoerd. Dat wilde hij graag, een ‘vertrouwde omgeving’. Mathijs stak zijn duimpje omhoog. Na een rit met de ambulance en na aankomst in het Emma Kinderziekenhuis is hij daar om 16.37 uur overleden.
In de laatste dagen van zijn leven gebruikte Mathijs vaak zijn duimpje om te communiceren, te moe om te praten. Duimpje ophoog was het teken dat het goed was. Zijn duimafdrukje hebben we laten kopiëren in een sieraad voor mij: een hangertje aan een ketting. Dit sieraad is mij zeer dierbaar en op een dag als deze draag ik dat hangertje uiteraard.