Alpe d'HuZes/Mathijs Douwe Team

Ter nagedachtenis aan Mathijs, 18 mei 2008 op tien-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van een hersentumor.





zondag, april 07, 2013


Het is vandaag precies vijf jaar geleden dat bij Mathijs een maagsonde werd geplaatst. Wat we toen niet konden weten was dat het eigenlijk een volstrekt overbodige ingreep was. Na die operatie hebben we nooit meer de ons bekende Mathijs terug gezien. Het plaatsen van die maagsonde was de opmaat voor het definitieve einde.

Al maanden, eigenlijk al vanaf november 2007, at Mathijs slecht. We probeerden alles, haalden alles waar hij zin in had in huis. Wilde hij 's ochtends chips als ontbijt, dan kreeg hij chips. Tosti's, kippepootjes, macaroni, pinda-chipitochips, van die roze suikerspekkies, bedenk het en we haalden het uit de winkel. Vervolgens zat je aan tafel en dan at Mathijs er twee kleine hapjes van. "Geen aandacht aan besteden, anders wordt de druk op hem te groot" schoot er dan door je hoofd. 

Het gewicht van Mathijs daalde en daalde. Natuurlijk bespraken wij dat met de artsen. Maar die wilden (was het nog niet ernstig genoeg?, vonden ze het zinloos?) niets doen. 

Eindelijk, half maart kwam daar toch het besluit, "we gaan een maagsonde bij Mathijs plaatsen". Mathijs wilde dat helemaal niet. We hebben echt moeten aandringen. Overtuigd hebben we Mathijs nooit. Denk ik. Hij deed het voor ons.

De artsen gaven aan dat het een hele kleine ingreep zou zijn: " één nachtje ziekenhuis, en dat is gewoon ter controle". Dat hielden we Mathijs ook steeds voor. Maar al direct de dag na de ingreep bleek het anders uit te pakken. Mathijs lag maar in dat ziekenhuisbed en voelde zich duidelijk zeer ongelukkig. "Als een dood vogeltje", lees ik terug op het weblog ( http://www.mathijsdouwe.blogspot.nl/2008/04/onduidelijke-situatie.html ).  Eenmaal weer thuis in Almere hadden we een oud mannetje mét een wandelstok in huis lopen. Mathijs bleef klagen over zijn buik/maagsonde. Het deed hem gewoon pijn. Drie dagen later hebben we een rolstoel gehaald.

We hebben veel kleine en grote beslissingen genomen in de vier jaar dat Mathijs ziek was. Maar het plaatsen van de maagsonde is een verkeerde beslissing geweest. 



(foto: laatste keer in het doel bij de Buitenboys, de dag voor het plaatsen van de maagsonde)

zaterdag, maart 23, 2013

'Pak maar mijn hand'




Dat was even schrikken en slikken afgelopen woensdagmiddag. Zoals vaker op een dag loop ik mijn ‘timeline’  op twitter even door. En zoals zo vaak is er woensdag ook weer een tweet van Kika:
KiKa8118
Vooruit, voor onze trouwe volgers de voorpremière. Scherm groot en geluid hard en maak #KiKabouw vandaag trending! http://t.co/UV2KKPqL8D …
20-03-13 13:20
Ik klik de link aan. En schrik. “Pak maar mijn hand”, dat is ‘Mathijs’. En nu dus – bedenk ik me meteen – waarschijnlijk ook de muziek voor de bouw van het nieuwe kinderkankerziekenhuis. Meteen het filmpje afgebroken, L erbij geroepen en samen het filmpje bekeken. Indrukwekkend. Inderdaad, wat een toeval. Het nummer dat 23 mei 2008 aan het eind van de kerkdienst werd gedraaid is nu het promotiefilmpje voor een de bouw van een ziekenhuis dat er voor moet zorgen dat er geen kinderen als Mathijs, Danique, Emma, Lucas, Stephan, Thomas en duizenden anderen meer sterven aan kanker.


23 mei 2008 ben ik al vroeg wakker. Door alle voorbereidingen voor de begrafenis van Mathijs is het heel druk geweest afgelopen dagen. Ik besluit – nu kan het nog – een poosje naast Mathijs aan zijn bed te gaan zitten. Straks komt de begrafenisonderneemster, gaan we naar de kerk voor de afscheidsdienst en wordt Mathijs begraven. Is hij weg. Als om een uur of zeven ook F en L wakker zijn merkt F op (aanleiding weet ik niet meer, stond bv de radio aan?) dat “Mathijs ‘Pak maar mijn hand’ ook een heel mooi lied vond”. Werkelijk, noch de naam van de artiest noch het nummer zegt mij iets. Later blijkt dat Mathijs en F vaak naar de site clipjes.nl op de computer keken, waar ook regelmatig nummers van Nick en Simon te zien waren. Boven ben ik het nummer op de computer gaan beluisteren. En al snel besloten het op cd te branden. De begrafenisonderneemster gemeld dat wij dit nummer als laatste na de zegen van de dominee, bij vertrek uit de kerk wilden draaien.  Ze klinkt wat ‘kort’ aan de telefoon. Later horen we dat ze het niet helemaal prettig vond de organiste op het allerlaatste moment te moeten melden dat er bij het verlaten van de kerk geen slotlied op het orgel gespeeld hoeft te worden.


Vier uur later geeft de dominee, het is het einde van de afscheidsdienst, in een volle kerk de zegen. In mijn herinnering start de koster op dat moment het gebrande cd-tje. Hoe het kan weet ik niet, maar ‘Pak maar mijn hand’ knalt vrij hard door de kerk heen. Omdat iedereen opstaat van z’n stoel is het wat rommelig. En iedereen moet wat harder praten om boven de muziek uit te komen. Een paar minuten later lopen wij de kerk uit, achter het kistje dat door mijn zwager, neef, broer en vader wordt gedragen.


‘Pak maar mijn hand’  is dus voor mij voor altijd met dit beeld verbonden. En we horen vaker van anderen die er 23 mei 2008 in de kerk bij waren dat als ze dit nummer op de radio, in de winkel of in een sporthal horen, ze denken aan Mathijs.



dinsdag, maart 12, 2013

15 rode rozen voor Mathijs... voor altijd in ons hart



(L. schrijft)


12 maart 2013, vandaag zou het een feestdag moeten zijn…




Ieder jaar weer merk ik toch weer dat de aanloop naar 12 maart meer met me doet dan ik soms denk. Die dagen komen de tranen op niet-verklaarbare momenten tevoorschijn. Ieder jaar herbeleef ik ook weer hoe het was, de geboorte. Een bijzonder moment. Op 11 maart 1998 braken bij mij de vliezen en wisten we dat het kindje binnen een dag geboren zou worden. We wisten niet of het een jongetje of een meisje zou worden. Mathijs werd op 12 maart om 12.23 uur geboren. Het was een vlotte bevalling, wel in het ziekenhuis vanwege de eerder gebroken vliezen. Mathijs moest meteen in de couveuse omdat hij ruim 3 weken te vroeg was en en nog net niet in staat bleek om zelf de temperatuur vast te houden. Ook was zijn suikergehalte laag en kreeg hij een glucose-infuusje. Ik weet nog dat ik dat toen wel even slikken vond. Ik verwoordde dat in mijn dagboek als volgt: “Vandaag (dag 4 in het ziekenhuis) heb ik het best een beetje moeilijk. Ik ben wat emotioneel. Je bent eigenlijk heel erg dichtbij, maar ook zo veraf, daar in de couveuse. Eigenlijk moeten we meteen weer afstand van je doen, terwijl je net bij ons bent. Het moet nu eenmaal, omdat je nog wat aan moet sterken, maar papa en mama vinden het niet leuk. Je bent zo lief, klein en teer. Eigenlijk zou je bij ons moeten zijn, lekker bij papa en mama.”





Gelukkig weet je op zo’n moment nog niet, wat ons als gezin nog allemaal te wachten staat.

Ook gaan de dagen voorafgaand aan 12 maart mijn gedachten uit naar de mooie periode waarin alles nog “gewoon” was, de jaren vóór 25 september 2004. We waren een mooi en compleet gezin en deden leuke dingen met elkaar. Ik werkte heel weinig toen de kinderen klein waren en had vaak alle tijd om met Mathijs en Fredrieke bezig te zijn (verven, koekjes bakken, etc, etc.). Als het mooi weer was gingen we naar buiten, de tuin in of naar een speeltuin in de buurt of we stapten op de fiets… Eentje voorop en eentje achterop. Wat een prachtige tijd was dat.




Het bijgevoegde artikel heb ik al heeeel lang geleden uit een Margriet gehaald en vond het zo herkenbaar. Als je het leest, wissel dan de kindernamen in voor die van Mathijs en Fredrieke. Wat had ik vandaag graag twee grote puberfietsen in de garage zien staan, het is er maar één.



zondag, februari 24, 2013

Bijna vijf jaar zonder Mathijs

Gisteren ben ik 49 jaar geworden. Recent las ik dit mooie gedicht, wat mij deed denken aan Mathijs.




Lieve mama, laat je tranen
niet langer vallen in jouw schoot
                                                          Misschien word ik niet zoals
jij ooit verwachtte groot
Maar ik ben mijn vlieger achterna
Naar waar bloemen mij omringen
En vlinders met hun vleugels
de mooiste liedjes voor mij zingen.




Lieve mama, ook al lijk ik ver
Ik houd je in de gaten,
Want jij mijn lieve mama,
Kan ik nooit verlaten
Ik zweef nu als een engel
bij je dag en nacht
En als je ’s avonds slapen gaat
Kus ik jouw wangen zacht.



Lieve mama, ik vlieg nu
voorbij de zonnestralen
En als jij ooit jouw ogen sluit
Kom ik mijn mama halen
Ik zal je brengen naar mijn paradijs
Vol vliegers groot en klein
En vanaf dat moment
Zullen we weer samen zijn.

(onderste foto: vliegeren, mei 2006, op Texel)

zondag, februari 17, 2013

Snuitje

Snuitje is dood. Snuitje is de cavia, die Fredrieke heeft gekregen van haar ooms en tantes toen Mathijs december 2005 klaar was met de eerste reeks behandelingen tegen kanker. Ook Mathijs had een cavia gekregen: Punkie. Mathijs zijn cavia is een paar jaar geleden overleden aan een tumor aan zijn neus, hoe kan het he?

 

Snuitje was een vrolijk beestje, wat eigenlijk altijd wel eten lustte. Maar de laatste weken kon hij zich niet meer bewegen. Het leek wel of hij een ‘tia’ o.i.d. heeft gehad, riep ik wel eens. Het eten ging nog steeds prima, maar drinken niet meer en hij kon alleen nog maar liggen. Er was duidelijk iets aan de hand met zijn zenuwstelsel. Twee weken terug al een keer met de dierenarts gebeld; die raadde aan hem rustig te laten sterven. Maar Snuit bleef maar eten en gezellig piepen als wij in de buurt van zijn kooi kwamen. Spottend hebben wij wel eens tegen elkaar gezegd: “hebben wij weer, een palliatieve cavia in huis”. Afgelopen donderdag toch maar naar de dierenarts gegaan, ook omdat het in de woonkamer allemaal wel heel erg naar caviapoep en –pies begon te stinken. De dierenarts heeft Snuitje in laten slapen. Geen kwaliteit van leven meer en bovendien is hij ruim zeven jaar geworden. Best oud voor een cavia. Fredrieke was in tranen. De cavia’s waren iets wat zij en Mathijs gezamenlijk hadden. En, zei ze:” als Mathijs vanwege zijn behandelingen weer eens veel kaarten had gekregen, dan was ik wel eens verdrietig en jaloers en dan ging ik praten met Snuitje” . Dit heb ik nooit door gehad. En zo komen er af en toe nog steeds dingen uit die zware tijd bij haar naar boven die ze mij nu pas vertelt. 




Mathijs was iemand die de dieren een warm hart toe droeg. Toen hij nog klein was (ik denk een jaar of 7) heeft hij een schoenendoos beplakt met allemaal dierenplaatjes met daarop de tekst: ‘redt de dieren, geef 0,50.’ Dit voor Wereld Natuur Fonds.




Ook hebben we een kanarie, Pietie, gehad. Ik herinner me nog dat Mathijs op een gegeven moment toen wij met de boot op vakantie waren vroeg: “mam, zou Pietie ons ook missen?” En eigenlijk wilde hij wel weer naar huis, want anders was Piette zo alleen... Toen wij pas geleden de kamers boven aan het opknappen waren vond ik in een doos nog een briefje gericht aan Sinterklaas: “wilt u ook een snoepstok voor Pietie in de schoen doen?”

Zo was het wel of geen vlees eten op een gegeven moment ook een punt van discussie aan tafel. Nou, Mathijs neigde er toch, al kluivend aan een kipkluifje, naar om vegetarisch te worden. “En dat kipkluifje dan?”, vroegen we. “Nou die kip is toch al dood” was zijn antwoord.

Tsja. Mathijs, Een mooie kerel met veel oog voor mens en dier.








zondag, april 08, 2012

Never give up

Afgelopen vrijdag zijn we naar de film Titanic geweest, nu in 3D in de bioscoop. Aan het eind van de film als de hoofdrolspelers Rose en Jack in het koude water liggen zegt Jack tegen Rose: "never give up". Ook hier zie je mensen vechten voor hun leven. Kom je op een afdeling kinderoncologie dan zie je allemaal kinderen, groot en heel klein, vechten voor hun leven. Opgeven is geen optie, "never give up"....



Een rouwproces is een vreemd en onvoorspelbaar proces. Het is net of ik nu nog meer flashbacks heb naar de momenten in het ziekenhuis en alle nare behandelingen daar dan in een eerder stadium. Hoe dat kan? Ik heb geen idee. Het lijkt of Mathijs al weer heel lang geleden bij ons was, maar toch ook maar weer kort geleden. Je herinnert je alles nog zo levendig.

Hoe gaan we er hier thuis mee om? Eenieder verwekt het op zijn eigen manier. N. steekt altijd meteen een kaarsje voor Mathijs aan als hij thuis is/komt, Ik zorg dat er altijd een bloemetje op zijn tafeltje staat. En Fredrieke laat merken als ze hem mist door soms vragen te stellen, zijn knuffeltje te pakken en laatst miste ze hem enorm (kan een gebeurtenis op school zijn, zijn geboortedag, etc.) en dan kan er een enorme huilbui komen.

Aan het slot van de film Titanic hoor je het mooie lied van Celine Dion. Het nummer stond op 1 in de top 40 toen Mathijs in 1998 werd geboren: "near far, whereever you are.... "


maandag, maart 12, 2012

(L. schrijft)


Lieve Mathijs,

Op 12 maart 1998 om ongeveer 12.30 uur werd jij geboren in het ziekenhuis in Amersfoort. Wat waren we blij, gelukkig en trots: een mooie zoon! 2240 gram en 44 cm. Een klein mannetje, maar na een korte start in de couveuse groeide je snel en na vijf dagen mocht je mee naar huis… Op deze foto lig je thuis in jouw eigen wieg.



Vandaag zou jij 14 jaar oud geworden zijn. Hoe lang zou jij nu zijn geweest? Vast groter als jouw moeder. Hoe zou je eruit gezien hebben? Al een beetje de baard in de keel? Wat zou er op jouw verlanglijstje hebben gestaan? Wat…… zoveel vragen.

In plaats van een feestelijke dag, vandaag een dag met een randje. In plaats van een mooi voetbalshirt als verjaardagscadeau, een door mama en Fredrieke gemaakte bloemenkrans voor jouw graf. In plaats van een lied “lang zal hij leven…” , jouw leven was te kort en is voorbij. In plaats van een versierde stoel een lege stoel. Het enige wat blijft is de herinnering.

Vanavond komen jouw vrienden Sjoerd, Justin en Nasser. En Fredriekes vriendin Maaike. We gaan gourmetten met elkaar, dat vond jij altijd het summum van gezelligheid, en herinneringen ophalen/foto’s kijken….

Het is stil zonder jou.


Liefs papa, mama en Fredrieke

zondag, februari 05, 2012

(L. schrijft)

Afgelopen week kwam Fredrieke uit school. Zoals vaker een kopje thee aan de keukentafel. En dan zomaar ineens vraagt Fredrieke of we Mathijs ook hadden verteld dat hij niet meer beter zou kunnen worden en dood zou gaan. Ik merk, dat er bij haar soms vragen spelen die op onvoorspelbare momenten omhoog komen. Ik antwoordde haar dat ik dat een goede vraag vond en dat dat papa en mama vier jaar geleden met deze vraag hebben geworsteld.



(foto: Mathijs en Fredrieke juni 2005, Mathijs 9 maanden ziek)

Mathijs was negen jaar toen we het definitieve slechte nieuws kregen. Mathijs was zelf niet bij dat gesprek met de oncologe aanwezig. Ja, wat vertel je je kind dan? Sommigen zijn ervan overtuigd dat je altijd de waarheid moet zeggen. Maar Mathijs leefde nog zo lekker, had nog zoveel plannen, was zo levenslustig. Moet je dat ineens boem-bats afbreken? We hebben er toen voor gekozen, in overleg met de oncoloog, om gedoseerd de waarheid te vertellen. We hebben ook nog een predikant geraadpleegd, die zelf een kind heeft verloren. Hij zei: “maak van je zieke kind geen sterfgeval”. Dat was een lijn waar wij ons in konden vinden. We spraken af dat wanneer Mathijs er naar zou vragen we wel eerlijk zouden zijn. Maar hij heeft er nooit naar gevraagd. Ik heb wel eens geprobeerd om het bespreekbaar te maken. Gevraagd of hij bang was, want aan kanker kun je ook doodgaan. Dat wist Mathijs ook. “Welnee, antwoordde Mathijs: ik sla de dood zo aan de kant”. En dat was het dan weer. Hij maakte volop plannen en zei altijd: “mijn tijd komt nog wel” als weer eens iets niet lukte of als hij weer eens iets vanwege zijn slechte conditie moest missen. Hij bleef positief tot aan het einde. Genoot van wat er op zijn pad kwam en wilde alles beleven wat mogelijk was.




Wat Fredrieke (zij is anderhalf jaar jonger als Mathijs) moeilijk vond is dat zij er niet bij was toen Mathijs 18 mei 1998 stierf. Wij waren toen net met de ambulance vanuit Nijmegen naar het AMC gebracht. En daar is Mathijs net na aankomst overleden. Zij zat op dat moment bij opa en oma in de auto aan het einde van een familieweekend.
Het is goed dat Fredrieke met vragen komt. Afgelopen woensdag in de auto zette ze uit zichzelf de cd weer eens op met de liedjes die zijzelf gemaakt en gezongen heeft over Mathijs, zijn ziekte en het missen van haar broer. Vorige week hebben we samen ook weer eens een DVD bekeken (2005/2006). Herinneringen aan haar broer Mathijs worden opgehaald.

In de tijd dat Mathijs en later ook zijn vader ziek (2007-2008) was leefde je in twee werelden. De wereld waarin je als gezin aan het knokken bent, je leeft bij de dag. Want je kunt immers geen dagen aan het leven toevoegen, maar wel leven aan de dagen. Je probeert zoveel mogelijk bij het moment stil te staan. En dan is er ook nog de andere wereld: de jachtige wereld die maar doorgaat en waarbij men zich bijv. druk maakt over de lengte van de rij voor de kassa bij de Albert Heijn. Ik heb me hierover vaak verbaasd. Kunnen mensen zich daar werkelijk druk over maken? Ook Mathijs dacht er vaak zo over. Nu we bijna vier jaar verder zijn merk ik dat je je ook weer wat meer druk kunt maken over gewone dingen, maar dat je voor sommige dingen waar mensen mee zitten moeilijk begrip op kunt brengen. We praten uit beleefdheid dan wel wat begripvol mee, maar denken ondertussen “is dit alles?”. Je merkt dat je toch “gehard” bent door wat we hebben meegemaakt.




Op dit moment volgen we een aantal weblogs van kinderen die tegen de ziekte kanker strijden. Afgelopen vrijdag heeft een jongen van 17 te horen gekregen dat hij niet meer beter kan worden. Wat vreselijk voor die jongen en zijn ouders. Zo’n bericht raakt ons zeer, en neemt ons ook meteen terug in de tijd naar toen wij ditzelfde bericht kregen (ook wij hoorden het op een vrijdag). Die jongen en ouders hebben een onvoorstelbaar zwaar weekend. Een meisje van zes jaar oud strijdt ook tegen de kanker. Haar broertje is afgelopen zomer aan dezelfde soort kanker die zij nu heeft overleden. Hoe is het mogelijk en wat moeten die ouders een berg verzetten: midden in een rouwproces zitten en dan ook nog eens moeten knokken voor je andere kind. En horrorverhaal, maar dan helaas wel onbegrijpelijke realiteit. Het voelt dan ook goed dat er organisaties zijn als Alpe d’HuZes, KIKA, StopHersentumoren en KWF, die allemaal gericht zijn op het bestrijden van de vreselijke ziekte kanker.

maandag, januari 02, 2012

Herinneringen

Ieder jaar is er op tv en in de kranten aan het einde van het jaar een terugblik op de belevenissen van het afgelopen jaar. Herinneringen worden opgehaald. Voor iedereen die een dierbaar iemand heeft verloren zijn die herinneringen immens belangrijk. Gelukkig heb ik altijd veel opgeschreven en hebben we veel foto’s en filmpjes van Mathijs zijn korte leventje. Ik merk altijd weer als ik dingen zie of lees “o ja, zo was het””. Details raak je toch kwijt.




Zo was ik in de afgelopen week Mathijs zijn slaapkamer aan het schoon maken. Hier ben ik heel lang mee bezig geweest. Niet omdat ik zo heb gepoetst maar doordat ik zoveel dingen in mijn handen heb gehad, waaraan een herinnering vast zat. Om enkele voorbeelden te noemen:

-    Een klein houten kikkertje, dat wanneer je met een stokje over zijn rug heen en weer gaat een kwaakgeluid maakt. Na de stamceltransplantatie in 2007 en de daaropvolgende goede uitslag van de MRI-scan zijn we meteen met zijn vieren naar Gran Canaria gevlogen. Aan het einde van de vakantie mochten Fredrieke en Mathijs allebei een souveniertje uit kiezen. Fredrieke koos een grote djembétrommel en Mathijs dit kleine kikkertje. Nadat we de winkel uitstapten zei hij meteen: “zo mam, en nu moet jij nog wat uitzoeken hoor!” Ik zie ons nog door de winkelstraat lopen.
-    Alle legodingetjes: Mathijs hield van lego en heeft tijdens zijn ziekteperiode heel veel lego gekregen. Vooral veel autootjes. Mathijs was er één van: de lego volgens voorbeeld bouwen en het dan voor de sier in de kast zetten. In de ziekteperiode kwamen opa en oma vaak oppassen en oma stofte dan ook wel eens de kamer van Mathijs. Heel lief natuurlijk. Maar o wee, als Mathijs na thuiskomst merkte dat er weer een autootje gehavend was door oma’s schoonmaakperikelen… Hij had dan ook tegen mij gezegd: ”wel lief van oma, maar ze hoeft mijn kamer niet meer te poetsen hoor.” Ik heb tijdens de schoonmaak van afgelopen week ieder autootje heel voorzichtig door het sop gehaald…
-    Knuffels: bij de geboorte van Mathijs hebben we natuurlijk mooie knuffels gekregen en later zijn daar nog de nodige bij gekomen. Een paar zijn er speciaal. Bv. een grote aap: op een gegeven moment lag Mathijs aan het voeteneinde van zijn ledikantje te slapen en lag de aap op de plaats waar Mathijs hoorde te liggen. Een kikker van de Opkikkerdag. Een aapje, wat we gekocht hebben tijdens jouw laatste schoolreisje. Een walrus, gekregen van de familie Krouwel een dag voordat je ons voor altijd ging verlaten…….
-    Het spelletje vier op een rij, wat wij samen tot op het laatst hebben gespeeld.
-    Jouw kleren in de kast: vooral sportieve kleding vond je mooi en vond je lekker zitten. De Barcelona-, Ajax- en Buitenboystenues: ze hangen nog allemaal in jouw kast.
-    Een exemplaar van Voetbal International 2007/2008 met daarin allemaal losse blaadjes met jouw voorstellen en ideeën voor opstellingen voor wat betreft het Nederlands elftal. Helaas je hebt het WK in 2008 niet meer mogen meemaken.
-    Jouw bed, waar nog steeds het Ajax-dekbedovertrek op ligt waaronder je opgebaard hebt gelegen. Ik heb het nog steeds niet gewassen. Ook vond ik jouw wekkertje nog, een klein digitaal klokje wat niet tikte (daar kon je niet tegen) en goed onder jouw kussen paste. Het bed, waar we je ’s avonds een nachtzoen in gaven. Je deed dan graag een wedstrijd om een zo lang mogelijke zoen te geven met de armpjes van jou om mijn nek….

Het zijn maar enkele voorbeelden van herinneringen die je koestert. Het schoonmaken van Mathijs zijn kamer ging met een lach en een traan, wat zo mooi verwoord is in de volgende tekst:

“Achter de tranen van verdriet schuilt de glimlach van de herinnering”




(Gran Canaria, mei 2007)


In de maand december heb ik ook de vrienden van Mathijs gezien en gesproken. Sybren, jouw neef was jarig. Alweer 19 jaar geworden. Sjoerd, de achterbuurjongen was ook jarig. Hij is 17 geworden. Met hem kon je altijd zo lekker kwajongensstreken uithalen (pijltjes schieten, etc.). Nasser, jouw Marokkaanse vriend. Hij vraagt mij altijd hoe het gaat. Hij is eens een weekendje samen met ons mee geweest naar de camping in Markelo. Hij vond dit zo geweldig, maar ook zo indrukwekkend, dat hij maandagochtend niet op school verscheen. “Ik viel thuis zelfs op de wc nog in slaap” had hij tegen Mathijs gezegd. Mathijs lag in een deuk toen hij dat hoorde. De dakloze bij de Albert Heijn. Aan deze meneer gaf Mathijs vaak zijn euro die hij af en toe kreeg als troost voor alle medische ellende. Deze meneer vraagt ook altijd nog hoe het met ons is. Hij vertelde vol trots dat hij met kerst was uitgenodigd bij mensen thuis. Mathijs zou dit heel erg fijn voor hem gevonden hebben. Mathijs wilde hem namelijk ook al uitnodigen voor zijn verjaardag toen hij 10 werd. Hebben we toen maar niet gedaan…




(opa houdt wensballon vast zodat die zich vult met warme lucht, eerste kersdag jl)


De feestdagen, ze zijn weer voorbij. Fijn om dit met familie te vieren voor wie de lege plek er ook is. Mooi om soms herinneringen op te halen. Bij mijn zus werd er speciaal bij de foto va Mathijs een regenboogkaars gebrand en bij mijn schoonzus hebben we een wensballon (foto), waar we eerst  wat op hebben geschreven, opgelaten.

Gisteren ruim 400 oliebollen met papa, opa, oma en Fredrieke gebakken, waarvan de opbrengst voor het Mathijs Douwe Team/ Alpe d’HuZes is.  Een hele klus, maar wel gezellig. Jouw poster hing op de garagedeur en voor de mensen die de oliebollen kwamen halen was er ook nog wat te happen. Wat zou jij dit geweldig gevonden hebben. ’s Avonds nog een vuurwerkje van jou afgestoken. Einde van 2011, begin van 2012.

N, F en ik wensen iedereen toe dat 2012 een jaar mag worden waar je later vooral veel mooie herinneringen aan mag hebben.

De mama van Mathijs